beiaarden.nl--andrelehr.nl

Over carillons, gieterijen, musea,campanologie, enz.

-->

Nieuwste Tijd

1900                                                

  • ca.1900 Stadsbeiaardier Jef Denijn te Mechelen werkt samen met beiaardinrichter Désiré Somers bij de restauratie van beiaarden.

  • ná 1900  Omstreeks  genoemd  jaar  werden   onder  andere  door  Eijsbouts mechanische pianoklavieren voor beiaard ontwikkeld. Weliswaar kon ermee genuanceerd worden, doch ze waren zwaar te bedienen. Het zeer beperkte aantal dat in de loop der tijd gemaakt werd, was rond een halve eeuw later vrijwel weer verdwenen.

  • 1903 De zwaarste klok ooit in Azië gegoten, kwam in Japan tot stand. Ze had een hoogte van circa 7 meter en woog 164 ton. De klok werd in 1942 aan de oorlogsindustrie geofferd.

  • 1904 De Engelse klokkengieter Taylor maakt een zuiver gestemd klokkenspel, het eerste sinds de dood van Andreas Jozef van den Gheyn in 1793.

  • 1905 Paccard uit Annecy levert via Eijsbouts een klokkenspel voor Lochem. De klokken zouden op toon zijn gegoten en waren dus niet gestemd. Het resultaat was een ergerlijk vals klokkenspel. Ook Petit & Fritsen beoefende tot aan de tweede wereldoorlog het uitzichtloze op toon gieten, zoals bijvoorbeeld met een beiaard voor de eerste jaarbeurs in 1917.

  • 1905 De Vereeniging voor Noord-Nederlandsche Muziekgeschiedenis schrijft een prijsvraag uit met de vraag waarom klokken die in de Nederlanden vóór circa 1800 zijn gegoten, zo bijzonder zijn. Er kwam geen antwoord op.

  • 1909 In genoemd jaar promoveert Abraham Vas Nunes te Amsterdam op het proefschrift Experimenteel onderzoek van klokken van F. Hemony. Hij koos daarbij het werk van Lord Rayleigh als zijn grote voorbeeld. Hoofddoel was het zoeken naar een antwoord op de vraag of de Hemony's het principe van de dynamische gelijkvormigheid bij het ontwerpen van hun klokken hebben gebruikt.

1910                                                        

  • 1911 Appingendam koopt via de torenuurwerkbouwer en beiaardinrichter Addicks te Amsterdam een klokkenspel bij Taylor. Het was het eerste nieuwe, zuiver klinkende spel in Nederland sinds de achttiende eeuw. In de daarop volgende kwarteeuw zou Addicks zich meer en meer ontpoppen als een vaardig beiaardinrichter. Na 1945 heeft het bedrijf zich niet meer met beiaarden beziggehouden.

  • 1914 Van de hand van de Amerikaanse diplomaat William Gorham Rice verscheen Carillons of Belgium and Holland. Talloze uitgebreide herdrukken zouden verschijnen. Met dit boek en ook andere activiteiten zou Rice zich de vurige pleitbezorger tonen van de Vlaams-Nederlandse beiaardkunst. Hij gaf dit niet alleen gestalte in geldelijke steun aan de beiaardschool te Mechelen die in 1922 gesticht zou worden, maar ook in het propageren van de beiaard in de Verenigde Staten.

  • 1915 Jef Denijn maakt een rondreis door Nederland en geeft daarbij advies over meerdere beiaarden. Onder meer adviseerde hij dringend om de bestaande broeksystemen te vervangen door tuimelaarsystemen. In Nederland breken de broekse en tuimelaarse twisten uit met de centrale vraag aan welk spel de voorkeur gegeven moet worden. Aan het Vlaamse beweeglijke spel met zijn vele tremolo's dankzij het tuimelaarsysteem of aan de eenvoudige Hollandse speelwijze met het broeksysteem. Die strijd zou tot in de jaren vijftig voortduren waarbij de Vlaamse speelwijze in gematigde vorm tenslotte de overhand kreeg.

  • 1916 Utrecht stelt een commissie in om na te gaan of het aan te bevelen is het broeksysteem op de Domtoren te vervangen door een tuimelaarsysteem. De commissie komt tot een negatief oordeel omdat alle leden op één na van mening waren dat hiermee de typisch Hollandse traditie in speelaard en klank verloren zou gaan. Pas in 1951 kreeg de Dombeiaard een tuimelaarsysteem.

  • 1917 De Nederlandse Klokken- en Orgelraad wordt gesticht. Tot in de jaren vijftig zou deze raad adviseren bij restauratie en nieuwbouw van beiaarden. Een van de eerste taken was het keuren van een beiaard die Petit & Fritsen voor de eerste jaarbeurs had gemaakt. Het oordeel van de raad was niet gunstig.

  • 1918 De Nederlandse Klokkenspel-Vereniging wordt te Utrecht in het leven geroepen. Aanvankelijk droeg de vereniging de naam Algemeene Klokkenspel-Vereeniging. Die naam werd echter in 1927 in de huidige omgezet toen definitief bleek dat Zuid-Nederland geen onderdeel van de vereniging kon zijn.

  • 1918 De Duitser Johannes Biehle doet systematisch onderzoek naar luidklokken met verschillende boventoonstructuur.

  • 1919 De eerste Nederlandse beiaard die volgens Denijns ideeën werd ingericht was de Hemony-beiaard op de Eusebiustoren te Arnhem. Maar de verwachte publieke belangstelling bleef uit.

1920                                                

  • 1920 Sinds genoemd jaar tot 1949 hield de Amerikaan Arthur Taber Jones zich intensief en succesvol met klokonderzoek bezig.

  • 1921 De Engelse gieter Gillett & Johnston te Croydon giet zijn eerste zuiver gestemde beiaard. Tot het uitbreken van de tweede wereldoorlog zouden deze gieterij en die van Taylor de wereldmarkt beheersen. Gillett & Johnston beëindigde zijn activiteit als beiaardgieter in 1951; maar Taylor bestaat nog steeds. Gillett & Johnston leverde zijn beiaarden in Nederland via Eijsbouts die ze van een klokkenstoel enz. voorzag en ze bovendien in de torens monteerde. Taylor werkte met Addicks te Amsterdam samen.

  • 1922 Te Mechelen wordt wat nu heet de Koninklijke Beiaardschool 'Jef Denyn' opgericht met Jef Denijn als eerste directeur. Aanvankelijk zou de school al in 1914 gesticht zijn, doch door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog werd dat verhinderd. In datzelfde jaar werd het Eerste Internationale Beiaardcongres gehouden. In 1925 volgt het tweede te 's-Hertogenbosch. Pas in 1972 werd het derde congres georganiseerd.

  • 1925 Voor de eerste maal wordt een beiaardconcert door de radio uitgezonden.

  • ca. 1925 De Nederlander dr. W. van der Elst ontwikkelt zijn staafresonator, een variant op de tachometer, om klokkenpartialen te kunnen meten. Het wordt geen succes.

  • 1927 De Duitser Peter Griesbacher schrijft zijn befaamde Glockenmusik, een boek waarin de muzikale aspecten van de luidklok centraal staan. Onder andere wordt door hem als eerste de metaalkwart of secundaire slagtoon gedefinieerd.

  • 1928 De Amerikaan Arthur Taber Jones gebruikt als eerste een toongenerator bij zijn klokonderzoek.

  • 1929 Klokkengieter Michiels uit Doornik levert als eerste in België weer een zuiver gestemde beiaard en wel voor Grimbergen. Daarmee was de rol van Van Aerschodt en andere klokkengieters als leverancier van beiaarden vrijwel uitgespeeld. De activiteiten van Michiels eindigden in 1962.

1930                                                

  • 1930 De Amerikaan Franklin G. Tyzzer classificeert de klokkenpartialen op basis van het aantal knoopcirkels en knoopmerdianen. Hij gebruikte bij zijn onderzoek een toongenerator met excitator.

  • 1933 Klokkengieter Van Bergen te Heiligerlee was de eerste Nederlander die weer een zuiver klinkende beiaard maakte. Die was bestemd voor Rhenen. De gieterij van Van Bergen is in 1980 gesloten. Thans is er een klokkengieterijmuseum in gehuisvest.

  • 1938 Sinds genoemd jaar tot 1950 houdt Jan Arts (frater Getulius) zich intensief en met succes met klokonderzoek bezig. Hij was betrokken bij de ontwikkeling van de stemkunst bij Petit & Fritsen die zijn eerste gestemde beiaard in 1939 maakte.

  • 1939 De Nederlander Jan Schouten ontwikkelt zijn residutheorie waarmee het fenomeen slagtoon als een periodiciteitstoon uitstekend verklaard kan worden. Die verklaring werd echter pas midden jaren zestig algemeen aanvaard.

1940                                            

  • 1941 Van Bergen was de eerste beiaardinrichter in Nederland die de speeltrommel met vrijvallende hamers verving door elektromagnetische hamers die bestuurd worden door een speelwerk waarin geperforeerde banden de rol van de trommel hebben overgenomen. Het was een oud idee dat al in het begin van de twintigste eeuw beproefd werd. Het systeem bestaat nog steeds, zij het dat sinds beginjaren tachtig de speelband geleidelijk aan vervangen is door de computer. De laatste speeltrommel werd in 1958 gemaakt.

  • 1942/43 In de Lage Landen, maar ook elders, eisen de Duitsers 70% van het klokkenbezit op ten behoeve van de oorlogsindustrie. Dankzij sabotage en klokken die toch weer terugkwamen uit Duitsland, werd het niet meer dan ruim 50%.

  • ná 1945 Het aantal beiaarden zal vooral in Nederland explosief groeien. Hoogtepunt vormden de jaren zestig.

  • 1947 Omstreeks dit jaar werden door de Demka (De Nederlandsche Staalfabriek v/h J.M. de Muinck Keizer) te Utrecht enkele gietstalen luidklokken gegoten. Het werd geen blijvend succes.

  • 1949 Bert van Heuven promoveert te Delft op een proefschrift Acoustical Measurements on Church Bells and Carillons. Daarin worden voor het eerst    de stemgrafieken gepubliceerd.

  • 1949 Eijsbouts maakt de eerste Reizende Beiaard in de geschiedenis. Dit spel was tevens de eerste volledige beiaard die Eijsbouts maakte. Twee jaar eerder was Eijsbouts met het gieten van klokken begonnen. Tot 1953 werkte Eijsbouts samen met Lips, de scheepsschroevengieterij te Drunen.

1950                                                    

  • 1950 De Oostenrijker Hans-Joachim Neumann promoveert te Innsbruck op het proefschrift Biegungsschwingungen eines Kreisringes. Ein Beitrag zur mathematischen Erforschung der Glocken. De dissertatie bevat enkele principieel onjuiste uitgangspunten en conclusies.

  • 1950 Te Mechelen wordt een start gemaakt met de jaarlijks terugkerende compositiewedstrijden.

  • 1950 André Lehr ontdekt dat de klokkengieters uit de zeventiende en achttiende eeuw de middentoonstemming toepasten. Enkele nieuwe beiaarden worden door Eijsbouts in die stemming gemaakt; ook werd een enkele beiaard in de pythagoreïsche stemming uitgevoerd. In 1952 werden in de pythagoreïsch gestemde beiaard van Nieuwpoort (B.) alle chromatische tonen verdubbeld, zoals bijvoorbeeld cis en des, dis en es enz.

  • 1951 De zogenoemde vrijheidsklok voor Berlijn met een gewicht van bijna tien ton wordt door Gillett & Johnston gegoten.

  • 1951 Door André Lehr wordt een methode ontwikkeld om een klok te ontzweven. In hetzelfde jaar formuleert hij de corrosietheorie met als thema dat klokken door luchtverontreiniging als gevolg van het massaal stoken met kolenkachels ernstig worden aangetast waardoor verminderde klankrijkdom en ontstemming van de klokken. Aanvankelijk ondervond deze theorie erg veel tegenstand.

  • 1953 De Nederlandse Beiaardschool met als eerste directeur Leen 't Hart wordt te Amersfoort geopend.

  • 1955 In de zoektocht naar een klok met een grote terts-boventoon in plaats van een kleine werden door Eijsbouts voor het stadhuis te Zeist klokken gemaakt waarin de terts-boventoon halverwege de kleine en de grote ligt. Het werd allerminst een succes. Pas dertig jaar later werd de queeste naar de grote terts-klok bekroond.

  • 1955 Vooral sinds genoemd jaar is een stroom van nieuwe beiaarden in Nederland tot stand gekomen, dankzij de activiteiten van de Ned. Klokkenspel-Vereniging onder leiding van voorzitter Romke de Waard.

  • 1956 Te Buchenwald wordt een herinneringsklok volgens het bijenkorf-model geïnstalleerd. Ze heeft een hoogte van 2½ meter bij een gewicht van 8½ ton.

  • 1957 Vooral in dit jaar probeerde het Amerikaanse bedrijf Schulmerich in Nederland en België de elektronische beiaard te propageren. Die poging boekte geen enkel succes.

  • 1959 De restauratieproblematiek bereikte in dat jaar te Amsterdam een hoogtepunt. Reeds voordien werd er gerestaureerd, maar de grote stroom kwam pas daarna op gang. Centraal probleem was steeds weer de ontstemming als gevolg van de luchtverontreiniging. Daarnaast kon men niet veel waardering opbrengen voor het hoogste octaaf klokjes in Hemony-beiaarden. Door combinatie van beide factoren zouden meerdere Hemony-beiaarden het hoogste octaaf of zelfs meer verliezen waarvoor dikkere, en daardoor sterker klinkende klokjes in de plaats kwamen. Dit type restauratie was bij sommigen omstreden.

  • 1959 In het kader van het Holland Festival werden vanaf genoemd jaar tot 1977 voornamelijk te Hilversum internationale beiaardwedstrijden gehouden.

1960                                                    

  • 1962 Eijsbouts ontwikkelt een ontwerp- en stemtechniek waarmee het mogelijk is om de inwendige kleine terts-partialen exact te laten samenvallen met de uitwendige tertsen zodat in bijvoorbeeld een verminderd septiem-akkoord geen enkele tertszweving meer wordt gehoord.

  • 1969 Op de zolder van het Gemeentehuis te Asten werd wat nu heet het Nationaal Beiaardmuseum geopend. Het museum verhuisde in 1975 naar het huidige pand alwaar het door Prins Bernhard werd heropend.

  • 1972 Eijsbouts bestaat honderd jaar en verkrijgt het predikaat Koninklijke. Enkele jaren later kan ook Petit & Fritsen het Koninklijke aan zijn naam toevoegen.

  • 1972 Nadat in 1922 en 1925 het eerste en twee Internationale Beiaardcongres had plaatsgevonden, volgde in genoemd jaar het derde te Rotterdam. Sindsdien worden die congressen om de vier jaar en heden ten dage zelfs om de twee jaar gehouden.

  • 1978 De Beiaardwereldfederatie van klokkenspel-verenigingen over de gehele wereld wordt opgericht.

1980                                                     

  • sinds 1980 Mede onder invloed van de opkomende authentieke muziek valt er een kentering te bespeuren in de opvattingen over wat een mooi klinkende beiaard is. Zwevingen zijn niet langer taboe, hoog klinkende Hemony-klokjes worden weer mooi gevonden en de oude speeltrommel dient terug te keren. Ook   het   broeksysteem  wordt  niet  langer  verguisd.   Gemeenschappelijk kenmerk van deze benadering is het toelaten van kleine onregelmatigheden die de klokkenklank levendiger maken. Maar het aantal nieuwe beiaarden dat per jaar tot stand komt, loopt aanzienlijk terug.

  • 1981 De St. Romboutstoren te Mechelen verwerft naast de bestaande 17de-eeuwse beiaard van voornamelijk Pieter Hemony een tweede en even zware beiaard uit de gieterij van Eijsbouts.

  • 1983 Ter vervanging van de oude speeltrommel met vrij vallende speelhamers en het in de jaren veertig van deze eeuw geïntroduceerde bandspeelwerk met elektromagnetisch aangedreven hamers verschijnt het computerspeelwerk ten tonele. In deze computer worden alle gegevens opgeslagen die nodig zijn om de elektromagnetische speelhamers zodanig te sturen dat de gewenste melodie op het gewenste tijdstip wordt gespeeld.

  • 1985 De eerste klok met een grote terts-partiaal in plaats van een kleine terts wordt door Eijsbouts en de Technische Universiteit Eindhoven ontwikkeld. Er ontpopten zich voor- en tegenstanders. Nieuwe aangepaste modellen volgden. Twee jaar later, in 1987, gaat Eijsbouts de computer met daarop de eindige elementen-methode gebruiken voor het berekenen van klokmodellen.

  • 1997 In navolging van Mechelen krijgt Amersfoort een tweede beiaard in de O.L. Vrouwetoren. Thans herbergt deze toren de 17de-eeuwse Hemony beiaard en de moderne Eijsbouts-beiaard.

2000                                                        

  • 2002 Het vernieuwde en uitgebreide Nationaal Beiaardmuseum wordt heropend.

  • 2012 Het Nationaal Beiaardmuseum heeft een totale verandering ondergaan en wordt heropend door Koningin Beatrix. Het nieuwe museum gaat samen met het voormalige natuurmuseum verder onder de naam Klok & Peel, www.museumasten.nl.

  • 2014 De klokkengieterijen Eijsbouts en Petit & Fritsen gaan samen verder in één bedrijf, het grootste ter wereld. 

 

 

Geheel of gedeeltelijke overname is slechts toegestaan onder vermelding van

 

Bron: André Lehr, Asten

 

Na het overlijden van André Lehr in 2007 wordt dit overzicht verder bijgehouden door Marius Lehr, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. .