beiaarden.nl--andrelehr.nl

Over carillons, gieterijen, musea,campanologie, enz.

-->

-T-

 

  • terts             zie octaafklok.
  • toetscompensatie
    Een veer onder een toets die ervoor zorgt dat de toets in rusttoestand geen tegendruk geeft.
  • toetsdraad
    In de toets-klepel verbinding de draad die aan de toets is bevestigd.
  • toongenerator
    Een elektrisch apparaat waarmee een wisselspanning van gewenste frequentie gemaakt kan worden.
  • tractuur
    Het type mechanische verbinding tussen klavier en klepels. Zie broeksysteem en tuimelaarsysteem.
  • trekmal             zie sjablone.
  • trillingstijd
    De tijd in seconden voor het maken van een volledige trilling. Zie ook frequentie.
  • trillingsvorm
    De wijze waarop de klokkenwand tijdens het trillen periodiek vervormt waarbij knopen en buiken de desbetreffende trilling karakteriseren.   
  •       
  • tripeloctaaf
    De partiaal die in een octaafklok drie octaven boven de slagtoon ligt.
  • trommelklavier
    De rij tuimelaars, lichters genaamd , voor de speeltrommel die met de speelhamers zijn verbonden.
  • trommelmaat
    Op een trommel voor vaste nootjes de afstand tussen twee horizontale rijen gaatjes.
  • trommelspeelwerk             zie speeltrommel.
  • tuimelaarsysteem             Zie de afbeelding.
  • tuimelklepel
    Een nauwelijks nog gebruikt systeem waarbij de klepelsteel van een klepel rechtstreeks op de tuimelaaras is gemonteerd. Daarmee vervalt de horizontaal lopende klepeldraad. Zie de afbeelding.
  • tweetje         zie vast nootje.