beiaarden.nl--andrelehr.nl

Over carillons, gieterijen, musea,campanologie, enz.

-->

-K-

 

  • kern
    De vuurvaste contramal van de binnenkant van de te gieten klok. De afbeelding toont een kern met daarboven de bijbehorende mantel hangen.
  • kernsteun
    Een lemen of metalen blokje dat tussen mantel en kern wordt geplaatst teneinde beide vormdelen ten opzichte van elkaar te fixeren.
  • klankanalyse
    Het resultaat van een meting van de partialen in een klok.
  • klankspectrum
    Een driedimensionale tekening waarin voor elke boventoon is aangegeven hoe de sterkte in de tijd afneemt. De afbeelding toont een dergelijk geïdealiseerd spectrum met alle partialen tot het tripeloctaaf. Daarbij zijn de partialen in drie groepen ingedeeld.
  • kleine terts         zie octaafklok.
  • klepel
    Een peervormig dikwijls gesmeed voorwerp dan wel een aan een ijzeren staaf gegoten bol uit ijzer of mangaanmessing die in de klok hangt en waarmee deze wordt aangeslagen. Het klepelgewicht bedraagt 3-4% van het klokgewicht. Zie ook luidklepel.
  • klepeloog
    Een gewoonlijk ijzeren oog, dat vast in het plafond van de klok is gegoten dan wel daarin op andere wijze is vastgemaakt. Aan dat oog wordt de klepel gehangen.
  • kleppen
    Een luidklok zodanig schommelen dat de klok slechts aan een kant geraakt wordt, bijvoorbeeld voor het kleppen van het Angelus.
  • klik         zie automatisch spel.
  • klok                                                                              
    Een klok is een rond, schaalvormig omwentelingslichaam dat volgens een bepaald profiel uit klokkenbrons wordt gegoten en bedoeld is om een muzikale klank voort te brengen. De eerste afbeelding geeft het model van de klok, de tweede afbeelding het profiel. In beide tekeningen zijn de namen voor de verschillende onderdelen toegevoegd.
    Op deze website is een diaserie te bekijken, waarin wordt uitgelegd, hoe in vroeger tijden een klok werd gevormd en gegoten. Als u deze serie wilt zien, dan klikt u hier.
  • klokkenbalk
    Een houten of stalen balk waaraan klokken hangen.
  • klokkenbrons
    Ook wel klokspijs genoemd. Klokkenbrons bestaat uit 18-24% tin, maximaal 4% verontreinigingen zoals lood, zink, ijzer enz. De rest is koper. Een goed klokkenbrons is bijvoorbeeld 20% tin, 78% koper en 2% verontreinigingen.
  • klokkenist        zie beiaardier.
  • klokkenkamer
    De ruimte in een uit stenen opgebouwde toren waar de klokken hangen.
  • klokkenluider
    Iemand die een klok luidt.
  • klokkenplat
    De vloer van een open klokkenkamer.
  • klokkenspel               zie beiaard.
  • klokkenstemmen     zie stemmen.  
  •                                        
  • klokkenstoel
    Een houten of stalen constructie waarin de klokken hangen.
  • klokplaat
    Een rechthoekige stalen plaat die in een orkest de klok moet vervangen. Dikwijls wordt een aantal boventonen op harmonische verhoudingen ten opzichte van de grondtoon gebracht. Zie ook orkestklok.
  • klokspijs             zie klokkenbrons.
  • kloksteller
    Een technicus die belast is met het onderhoud van het torenuurwerk
  • knooplijn
    Een lijn op het klokoppervlak waar de wand tijdens het trillen in rust blijft. Er zijn knoopcirkels en knoopmerdianen.
  • kop
    Het bovenste deel van de klok (afbeelding). Via de schouder gaat de kop over in de flank.
  • koude loop
    Vroegtijdig gestold brons in de gietvorm waardoor aldaar de onderlinge hechting van het brons verloren gaat.
  • kroesoven                                                                       
    Een smeltoven waarin het te smelten brons in een uit grafiet gemaakte kroes tot smelten wordt gebracht. Men realiseert dit door de kroes met brandende en gloeiende cokes of houtskool te omringen dan wel door olie- of gasvlammen rondom de kroes te laten circuleren. De afbeelding toont een olie gestookte kroesoven die gekanteld kan worden teneinde het vloeibare brons in een gietpan te kunnen laten lopen.
  • kroon           
    Een open structuur gelijkend op een kroon bestaande uit gewoonlijk zes kroonarmen en een middendeel, de stapel. De klok wordt aan de kroon opgehangen,(afbeelding).
  • krukluidas (afbeelding)
    Een luidas waarvan het draaipunt ter hoogte van de bovenflank ligt waardoor niet al het gehele klokgewicht aan de onderzijde van de luidas hangt (zie rechte luidas). Bij een juist gekozen luidklepel zal de klok in haar uiterst stand aan de onderzijde door een vallende klepel getroffen worden. De verticale afstand van draaipunt tot aan het hoogste punt van de klok, dus de onderzijde van het middendeel van de luidas, noemt men onderzetting.
  • kwint             zie octaafklok.